Toen de hype alweer voorbij leek

In het kort

Voor wie is dit belangrijk?

Voor iedereen die moe wordt van technologiegolven en toch niet cynisch wil worden.

Dat is een lastige houding. Je wilt door de verkooppraat heen prikken. Je wilt ook niet missen wat echt verandert. De laatste WEB-aflevering uit 1996 helpt juist omdat ze beide bewegingen laat zien.

Eerst is er roes. Daarna ongemak. Vervolgens begint het werk.

De roes

In de slotaflevering kijkt WEB terug op zijn eigen onderwerp.

Begin jaren negentig hangt er een revolutionaire stemming rond internet en nieuwe media. Computers aan elkaar knopen lijkt genoeg om oude macht te laten wankelen. Uitgevers, kranten, omroepen en beslissers voelen dat de opmars van internet en multimedia niet meer te stoppen is.

WEB haalt ze allemaal voorbij: hackers, zakenlieden, wetenschappers, kabelmensen, kunstenaars, denkers, profeten, speculanten. Ze moeten helpen bij de oversteek naar een toekomst die ineens begonnen lijkt.

Alles zou anders worden.

Werk. Onderwijs. Seks. Media. Telefoon. Televisie. Politiek. Godsdienst. Dood.

Het is prachtig en vermoeiend tegelijk. Je hoort mensen zoeken naar woorden die nog te groot zijn voor wat ze kunnen laten zien. Cyberspace. Elektronische snelweg. Kennis-economie. Postfysieke wereld. Virtuele klasse.

Sommige woorden verdwenen. Andere bleven hangen. Veel verwachtingen kwamen scheef uit. De onrust was echt.

Niemand weet waar we mee bezig zijn

Een van de sterkste momenten in de aflevering is verrassend nuchter.

Niemand weet precies wat er gebeurt. Overheid niet. Burgers niet. Bedrijfsleven niet. Iedereen probeert vorm te geven aan iets wat nog geen vaste vorm heeft.

Dat is herkenbaar bij elke nieuwe technologiegolf.

Regels komen later. Gebruik komt eerder. Mensen proberen dingen uit voordat instellingen weten welke taal, rechten, normen en belangen erbij horen. Bedrijven bouwen alvast. Overheden schrijven nota's. Gebruikers rommelen zich naar nieuwe gewoontes.

De fout is denken dat er één partij is die het geheel overziet.

Die partij is er meestal niet.

Van revolutie naar vermoeidheid

WEB laat ook zien hoe kort een hype-seizoen kan zijn.

Eerst is de computerfanaat lifestyle. Daarna moet er geld verdiend worden. De cybercultuur schuift naar de achtergrond. Handboeken, lezingen en inleidingen bereiken de laatste uithoeken van het land. De euforie zakt. Dan komen de gewone vragen over kabels, verdienmodellen, overheidscontrole, toegang en monopolies.

Die overgang is bijna altijd pijnlijk.

Een technologiegolf begint met verbeelding. Ze wordt volwassen zodra iemand naar beheer, macht, geld en toegang vraagt. Dat voelt minder spannend. Het is wel het moment waarop de toekomst echt richting krijgt.

Je ziet het nu ook. Eerst demo's. Daarna workflows. Eerst belofte. Daarna facturen, beleidsstukken, gebruikersvoorwaarden, trainingsdagen, rechtszaken, moeizame integraties en de vraag wie hier eigenlijk beter van wordt.

De hype verdwijnt terwijl de technologie belangrijker wordt. Opwinding maakt plaats voor onderhoud, afspraken en gedoe.

De vlucht uit het lichaam

De slotaflevering heeft een vreemde, filosofische laag die nu weer dichtbij komt.

Sommige sprekers dromen over mensen als informatie. Over bewustzijn dat naar machines kan. Over lichamen als tijdelijke dragers. Over een wereld waarin biologie, techniek en data in elkaar schuiven.

WEB prikt daar fel in. Het ideaal van een zuivere geest zonder lichaam loopt stuk op de gewone dag. De stroom valt uit. De computer crasht. Buiten schijnt de zon. Je krijgt honger.

Dat stuk is ouderwets en actueel tegelijk.

We praten nu over avatars, digitale dubbelgangers, synthetische stemmen, virtuele influencers, AI-agenten en persoonlijke modellen. Minder sciencefictionachtig dan toen. Praktischer. Goedkoper. Soms nuttig. Soms eng leeg.

De oude vraag blijft knagen: welk deel van een mens kun je modelleren zonder te doen alsof je de mens zelf hebt begrepen?

Een stem is nog geen persoon. Een profiel is nog geen leven. Een dataset is nog geen ervaring.

Twee toekomsten

Tegen het einde van de aflevering komt de splitsing helder op tafel.

Nieuwe communicatietechnologie kan gemeenschappen helpen bouwen. Ze kan democratische gesprekken mogelijk maken. Ze kan mensen minder afhankelijk maken van massamedia.

Ze kan ook uitlopen op verkoopmachines, privacyschending en controle door bedrijven of staten.

Dat was in 1996 al zichtbaar.

Nu is het dagelijkse werkelijkheid. Dezelfde infrastructuur waarmee een kleine maker een publiek kan vinden, kan ook verslaving optimaliseren. Dezelfde netwerken die mensen organiseren, kunnen mensen volgen. Dezelfde tools die kennis verspreiden, kunnen rommel, propaganda en middelmaat versnellen.

Technologie heeft zelden één karakter. Ze krijgt richting door belangen, ontwerpkeuzes, eigendom, regels en gewoontes.

Dat maakt de vraag minder spectaculair en moeilijker te ontwijken: wie bouwt, betaalt, meet, kan weigeren en heeft genoeg tijd en opleiding om mee te doen?

De achterhoede

Een van de laatste zorgen in de aflevering gaat over groepen mensen die moeite hebben om met informatie om te gaan.

In 1996 gaat dat over toegang tot computer, telefoonlijn, opleiding en taal. Nu is toegang breder. Veel mensen hebben een telefoon. Veel mensen zijn online. Toch is het verschil in informatievaardigheid groot.

Het gaat dan niet meer alleen om online zijn. Mensen moeten bronnen kunnen beoordelen, eigen materiaal terugvinden, tools gebruiken zonder zichzelf kwijt te raken, sturing herkennen en iets maken in plaats van alleen reageren.

Dat is de brug naar nu.

Nieuwe media maken meer mogelijk. Ze maken ook duidelijker wie een werklaag heeft opgebouwd en wie steeds opnieuw begint. Wie eigen kennis, adressen, routines en bronnen heeft, krijgt meer uit nieuwe technologie. Wie alleen door andermans feeds beweegt, blijft afhankelijk van wat langskomt.

In 1996 ging het over meedoen aan de informatiemaatschappij.

Nu gaat het over iets wat intiemer voelt: kun je nog regie houden over je aandacht, kennis en maakvermogen?

Wat het archief nu waard maakt

Deze laatste WEB-aflevering is geen nette voorspelling.

Ze is rommelig, overdreven, filosofisch, scherp, soms bijna koortsig. Juist dat maakt haar een goede tijdscapsule. Je hoort de taal ontstaan terwijl de werkelijkheid nog bezig is.

Dat maakt het archief bruikbaar voor Handpicked.

Het is oefening in kijken.

Je ziet hoe mensen de toekomst eerst te groot maken. Je ziet hoe de markt zich eromheen vouwt. Je ziet hoe kunstenaars en hackers ruimte ruiken. Je ziet hoe beleidsmakers achteraan komen. Je ziet hoe privacy en ongelijkheid vroeg worden genoemd en later toch weer te laat serieus genomen.

En je ziet hoe snel een wonder gewoon wordt.

Internet werd geen aparte wereld waar we af en toe inloggen. Het werd de laag onder bijna alles. Juist daarom is WEB zo'n goed archief. De afleveringen kijken nog naar internet als iets zichtbaars. Iets nieuws. Iets met kabels, modems, profeten en rare woorden.

Wij leven in de uitkomst.

Wat bleef

Nieuwe technologie begint vaak met slechte taal. We grijpen naar snelwegen, revoluties, golven, virussen, werelden, intelligentie, magie. Zo proberen mensen iets te begrijpen dat nog niet in hun gewone begrippen past.

Later wordt duidelijk welke woorden te groot waren. Welke zorgen terecht waren. Welke toepassingen blijven. Welke macht is verschoven. Welke gewoontes langzaam zijn veranderd zonder dat iemand nog merkt dat ze ooit nieuw waren.

De laatste WEB-aflevering eindigt bijna moe. De revolutie heeft haar glans al verloren. De vragen zijn aardser geworden: kabels, geld, controle, toegang en afhankelijkheid. Die vragen zijn gebleven.

Bronnen en checks

Vraagtekens bij publicatie

Still uit WEB-aflevering De laatste aflevering Bekijk bij VPRO

Originele WEB-aflevering

De laatste aflevering

VPRO WEB, 26 mei 1996. De aflevering staat op het VPRO-overzicht met speler.

Thumbnail via VPRO/NPO